Zo werkt het

Opbouw van zoWISo

zoWISo is onderverdeeld in 7 blokken. Per blok ben je ongeveer vier (leerjaar 1, 2 en 3) à vijf (leerjaar 4, 5 en 6) weken bezig. Het eerste en het laatste blok zijn herhalingsblokken en nemen een week minder in beslag dan de andere blokken. De doordachte opbouw zorgt voor een haalbare jaarplanning. Op die manier heb je voldoende tijd om de leerstof volledig af te ronden. Indien nodig kan je bepaalde lessen uitgebreider geven of kun je dingen herhalen als de leerlingen dat nodig hebben.

Een blok is opgebouwd uit basislessen en gevarieerde oefenmomenten. Tijdens de laatste week neem je een observatietoets af en nadien schenk je aandacht aan observatie, remediëring en verdieping. Die week wordt indien nodig besloten met een eindtoets. Die eindtoets maken de leerlingen die de norm op de observatietoets niet hebben gehaald.

Het Concreet - Schematisch - Abstract model

In zoWISo leren de leerlingen door te handelen. Ze worden in zoWISo uitgedaagd om rekenhandelingen in concrete situaties uit te voeren. Ze onthouden immers beter wat ze zien dan wat ze horen vertellen. En de kinderen onthouden nog beter wat ze zelf doen dan wat ze alleen maar zien doen (door bv. de leraar).

De speciale aandacht voor handelen uit zich in zoWISo door eerst concrete materialen of alledaagse situaties als voorbeeld te gebruiken. Pas nadien evolueert de les naar een abstracter niveau. Als leerlingen de activiteiten nog niet zelfstandig aankunnen, biedt de leerkracht de nodige ondersteuning. Eenmaal ze dit onder de knie hebben, krijgen de leerlingen oefeningen in een hoger ontwikkelingsniveau. De leerlingen bouwen op deze manier de leerstof inzichtelijk op en leren die flexibel en functioneel toe te passen.

De volgende tabel geeft enkele voorbeelden van het concreet-schematisch-abstract model dat gebruikt wordt binnen zoWISo.

ontwikkeling-van-het-getalbegrip-CSA

In zoWISo wordt de koppeling tussen werkelijkheid, modellen en getallen over de hele lijn doorgetrokken.

De opbouw van de lessen

Het concreet-schematisch-abstract model is ook terug te vinden in de opbouw van de lessen. De meeste lessen beginnen met een doe-activiteit die integraal deel uitmaakt van de instructie. Door de leerlingen, al dan niet in interactie met andere klasgenoten, te laten handelen en ervaren, bied je ze de mogelijkheid hun wiskundige kennis en vaardigheden inzichtelijk op te bouwen.

Bij het aanbrengen van nieuwe leerstof wordt er zoveel mogelijk uitgegaan van een concrete situatie of een betekenisvolle context.

wiskundige modellen

De gehanteerde wiskundige modellen, die in verschillende leerjaren worden gebruikt, worden aangebracht met de bedoeling het leerproces te vergemakkelijken. De modellen moeten een middel zijn om tot leerresultaten te komen en mogen geen doel op zich worden. 

zoWISo interactie

Door begrippen en handelingen te verwoorden en erover te discussiëren met klasgenoten leren de leerlingen bewust met wiskundige begrippen om te gaan. Op basis van de vaststellingen van de leeractiviteit worden besluiten genomen en modellen opgebouwd. 

De verschillende oplossingswijzen die de leerlingen aanbrengen worden in deze fase systematisch gestroomlijnd tot een standaard oplossingsprocedure die snel tot goede oplossingen leidt. De aangebrachte modellen, strategieën of procedures worden dan verder ingeoefend.

Keer terug naar 'Differentiatie'

Ontdek hoe zoWISo tegemoet aan de grote niveauverschillen in je klas.

Differentiatie

Ga verder naar 'Materialen'

Ontdek de aantrekkelijke materialen van zoWISo waarmee je rekenlessen tot leven kunt brengen.

Materialen